Waterstofdrone maakt proefvlucht op Rotterdam The Hague Airport |

Een drone van het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR) heeft deze week een proefvlucht gemaakt op vloeibare waterstof vanaf Rotterdam The Hague Airport. De demonstratie was niet alleen gericht op de aandrijving van de drone, maar vooral op de vraag wat er op een operationele luchthaven nodig is om met vloeibare waterstof te kunnen vliegen.

Van waterstoflevering tot vlucht

De proef werd uitgevoerd door NLR en Rotterdam The Hague Airport, samen met partners binnen het Europese TULIPS-programma. De HYDRA-II-drone van NLR diende daarbij als vliegend onderzoeksplatform. Volgens de betrokken partijen gaat het om de eerste demonstratie in Nederland waarbij vloeibare waterstof wordt toegepast op een in gebruik zijnde luchthaven.

Bij de demonstratie werd de volledige keten doorlopen: de levering van vloeibare waterstof, de opslag ervan op de luchthaven en uiteindelijk het gebruik als energiedrager voor de dronevlucht.

Eerdere tests

De proefvlucht in Rotterdam is een ander soort test dan de eerdere vluchten van de HYDRA-II. In 2025 vloog het toestel al als eerste luchtvaartuig in Nederland op vloeibare waterstof. Die proeven vonden plaats bij het NLR Drone Centre in Marknesse en waren vooral gericht op de technische werking van het systeem.

Deze keer lag de nadruk op de infrastructuur en procedures rondom het vliegen met waterstof. Een luchthaven moet vloeibare waterstof immers niet alleen kunnen opslaan, maar ook veilig kunnen ontvangen, verwerken en gebruiken zonder dat dit de reguliere luchthavenoperatie onnodig belemmert.

Daarmee biedt de proef ook inzicht in een vraagstuk dat verder gaat dan alleen drones: hoe richt je een luchthaven in als daar in de toekomst op grotere schaal waterstof wordt gebruikt?

Waarom waterstof?

Waterstof wordt gezien als een van de mogelijke energiedragers voor de luchtvaart naast onder meer duurzame vliegtuigbrandstoffen en batterij-elektrische aandrijving. Een brandstofcel zet waterstof om in elektriciteit, waarbij water en warmte als reactieproducten ontstaan.

Het voordeel ten opzichte van batterijen is vooral de relatief hoge energiedichtheid per kilogram. Daar staan praktische nadelen tegenover. Voor opslag is onder meer speciale infrastructuur nodig en bij vloeibare waterstof spelen zeer lage temperaturen een belangrijke rol.

NLR experimenteert al langer met waterstof als mogelijke aandrijving voor luchtvaartuigen. In 2020 schreef al over de eerste HYDRA-proeven en de plannen van NLR met waterstof. ⁠De ontwikkeling is sindsdien opgeschoven van experimenten met de aandrijving naar het testen van de complete operationele keten.

Drones als tussenstap

Drones zijn daarbij een relatief praktisch onderzoeksplatform. Nieuwe aandrijftechnieken, tanksystemen en veiligheidsprocedures kunnen eerst op kleinere schaal worden getest voordat dezelfde technologie wordt toegepast in grotere luchtvaartuigen.

Dat is ook de volgende stap die NLR voor ogen heeft. Het onderzoeksinstituut werkt aan het ombouwen van een elektrisch aangedreven Pipistrel Velis Electro tot een onderzoeksvliegtuig dat op vloeibare waterstof kan vliegen. De eerste testvluchten daarvan worden in 2027 verwacht.

Rotterdam The Hague Airport beschikt inmiddels over een faciliteit voor de opslag van vloeibare waterstof. De luchthaven wil het terrein gebruiken voor onderzoek en demonstraties rond nieuwe luchtvaarttechnologie. De ervaringen met de HYDRA-II kunnen daarbij worden gebruikt om niet alleen de aandrijving zelf, maar ook het tanken, de opslag en de operationele procedures verder te ontwikkelen.

Wat vind jij hiervan?

      Laat een reactie achter

      Vergelijk items
      • Totaal (0)
      Vergelijken